Een woensdagochtend met Kim en mevrouw S.
Elke woensdagochtend komt Kim (22) bij mevrouw S. thuis. Mevrouw S. heeft astma en is snel buiten adem. “Daarom krijg ik al ongeveer 4,5 jaar hulp in het huishouden,” vertelt ze. “Sinds een half jaar is Kim mijn vaste hulp.”
Eerst een kopje thee en een praatje
Als Kim binnenkomt, drinken ze eerst samen een kopje thee en praten ze even bij. “We vertellen elkaar hoe de week was,” zegt mevrouw S. “Kim komt niet alleen om te werken, maar ziet mij ook als persoon. We praten over van alles. Ik ben blij als Kim er weer is, want ik woon alleen.”
Daarna bespreken ze wat er die dag moet gebeuren. Mevrouw S. helpt nog mee als dat lukt. “Ik maak zelf het aanrecht schoon en ook delen van de badkamer. Ik stof het huis en strijk soms nog wat. Ik vind het belangrijk om zelf dingen te blijven doen.”
Samen aan het werk in huis
Soms wil mevrouw S. echter te veel doen. “Ze wil alles strijken: handdoeken, zakdoeken en lakens,” vertelt Kim. “Dat heeft ze vroeger zo geleerd, maar nu is het eigenlijk te zwaar voor haar.” Kim pakt het op haar eigen manier aan. “Het kost mij te veel tijd om alles te strijken. Ik leg het beddengoed strak op het bed, dan hoeft het niet gestreken te worden. Mevrouw moet daar vaak om lachen. Soms strijkt ze zelf nog een paar zakdoeken.”
Als Kim in het huis bezig is, verplaatst ze soms spullen. “Mevrouw is heel precies,” zegt Kim. “Als ik heb gestofzuigd, zet ik de stoelen terug. Daarna zet mevrouw ze weer precies op hun plek. Zo doen we samen het werk en blijft mevrouw in beweging.”
Hulp van haar eigen netwerk
Mevrouw S. krijgt ook hulp van haar zoon en van de buren. “Mijn zoon helpt me vaak. Hij woont niet in de buurt dus mijn buren letten op mij. Zij zijn ook de contactpersonen van mijn alarmknop en hebben een sleutel van mijn huis, voor het geval er iets met me gebeurt. Dat geeft mij een veilig gevoel.”
Mevrouw S. is altijd blij dat als Kim is geweest. “Dan is alles weer netjes en schoon. Ik woon hier graag. Door de hulp van Kim, mijn zoon en mijn buren kan ik thuis blijven wonen. Daar ben ik heel dankbaar voor.”